Previous Page  6 / 32 Next Page
Information
Show Menu
Previous Page 6 / 32 Next Page
Page Background

6

2. Missie, visie

en uitgangs-

punten

Visie

De school biedt de leerlingen optimale ontplooiingsmogelijk-

heden om hun talenten maximaal te ontwikkelen. Wij bieden

de kinderen een passende leerroute met respect voor sociale,

culturele en religieuze aspecten in de omgeving.

Missie

Alle openbare scholen in de Gemeente Hilversum zijn geza-

menlijk tot afspraken gekomen die een hoge kwaliteit van het

onderwijs moeten waarborgen. Deze gezamenlijke afspraken zijn

vastgelegd en vormen de missie van het openbaar basisonder-

wijs Hilversum. De individuele scholen kunnen dan ook op deze

afspraken worden aangesproken.

Een STIP school is een plaats waar:

Kinderen met plezier naar school gaan

Het kind zich veilig en geborgen voelt

Iedereen goed onderwijs krijgt

Kinderen op hen aangepaste lessen en lesstof krijgen

Inspirerende en bevlogen leerkrachten voldoen aan hoge eisen

Kinderen samen leven en samen werken

Kinderen mét en van elkaar leren

Leerkrachten met kinderen praten en naar kinderen luisteren

Kwaliteit constant de aandacht heeft

We goed omgaan met verschillen

Bouwstenen van het onderwijs

In de Wet Primair Onderwijs staan de eisen waaraan het onderwijs

moet voldoen. Deze eisen noemen we de bouwstenen basisschool.

1. Kinderen moeten een ononderbroken ontwikkeling

doormaken

De Lelyschool gebruikt hiervoor de leerlijnen van de lesmetho-

den. Uit de resultaten van de toetsen blijkt hoe het kind vordert

op die leerlijn. De leerkrachten werken nauw samen om een

ononderbroken ontwikkeling te realiseren.

2. Kinderen moeten zich kunnen ontwikkelen in hun eigen

tempo en met eigen mogelijkheden.

In het onderwijsmodel wordt rekening gehouden met de verschil-

len tussen kinderen. Niet ieder kind leert op dezelfde manier.

Door gebruik te maken van verschillende aanbiedingsvormen

(dag- en weektaken) en groepsplannen wordt gestreefd naar

onderwijs op maat.

3. Het onderwijs moet rekening houden met de verschillende

ontwikkelingsfasen.

Het onderwijs is zo ingericht dat er in de jongste groepen

ontwikkelingsgericht wordt gewerkt, terwijl er vanaf groep drie

geleidelijk een overgang is naar het meer vakgericht werken. De

dagtaakjes in groep drie gaan geleidelijk over naar weektaken in

de hogere groepen.

4. De school moet tijdig problemen signaleren en oplossen.

Als door observatie / toetsing blijkt dat een kind moeilijkheden

ondervindt, krijgt het extra hulp van de eigen groepsleerkracht.

De groepsleerkracht kan hierbij ondersteuning krijgen van een

intern begeleider, die de algemene leerlingenzorg coördineert en

toeziet op het gebruik van het leerlingvolgsysteem.